Inwendige hoek behangen: zo doe je het stap voor stap

file

Een inwendige hoek behangen doe je door de baan net iets over de hoek te vouwen en de volgende baan precies aansluitend te plakken. Dit klinkt eenvoudig, maar de meeste fouten ontstaan doordat de hoek niet recht is of de baan te strak om de hoek wordt gedrukt. Met de juiste aanpak krijg je een strakke aansluiting zonder bobbels of scheuren.

Waarom een inwendige hoek lastiger is dan een gewone wand

Bij een inwendige hoek (de hoek waar twee wanden naar binnen komen) kun je een baan behangpapier niet in één rechte lijn doortrekken. De hoek is zelden perfect haaks en vrijwel nooit volledig recht. Als je een baan gewoon om de hoek vouwt zonder aanpassing, trek je de baan krom en ontstaan er kreukels of loslaten van de lijm. Bovendien is het daarna vrijwel onmogelijk om de volgende baan precies aan te sluiten.

Wat je nodig hebt

  • Behangpapier en behanglijm (of kant-en-klaar behang)
  • Waterpas of schietlood
  • Vlijmscherp behangersmes of breekmes
  • Liniaal of rechte lat
  • Spons en emmer met schoon water
  • Behangborstel of gladstrijker

Inwendige hoek behangen: de stap-voor-stap methode

Meet eerst de afstand van de laatste volledige baan tot aan de hoek. Voeg hier 1 tot 2 centimeter bij op. Dat is de breedte die je van de volgende baan afsnijdt. Dit stukje vouw je om de hoek en plak je op de aansluitende wand. Zorg dat je de baan goed aandrukt in de hoek zelf, zonder vouwen of luchtbellen.

Vervolgens meet je op de aansluitende wand de breedte van het resterende stuk behang dat je hebt afgesneden. Teken op die afstand een verticale loodlijn met je schietlood of waterpas. Die lijn is je nieuwe startlijn. Dit is een stap die veel mensen overslaan, maar die het verschil maakt tussen een strakke hoek en een scheef lopend patroon.

Plak de tweede baan (het resterende stuk) precies op die loodlijn. De rand van dit stuk overlapt dan met het flap dat je eerder om de hoek hebt gevouwen. Druk alles goed aan, ook in de hoek zelf. Bij dun behang kun je de overlapping soms zien; snijd dan met een scherp mes langs een rechte lat beide lagen door en verwijder de overstukken. Zo krijg je een naadloze aansluiting.

Omgaan met een ongelijke hoek

Praktisch geen enkele hoek in een woning is perfect haaks. Meet daarom zowel boven, midden als onderaan de hoek hoe ver de laatste baan loopt. Neem de grootste meting en voeg daar 2 centimeter bij. Snijd het stuk op die breedte en plak het. De extra centimeter compenseert het verschil. Het deel dat om de hoek gaat, knip je bovenkant onderaan in als de hoek echt krom loopt, zodat het papier mooier aansluit zonder te kreukelen.

Let op bij structuurbehang en patroonbehang

Bij structuurbehang (zoals vliesbehang met reliëf) is een overlapping van een paar millimeter soms zichtbaar. Gebruik in dat geval de doorsnijmethode: plak beide stukken overlappend en snijd dan pas door. Bij patroonbehang moet je het patroon ook om de hoek laten aansluiten. Dat is bijna niet perfect te doen, omdat de hoek zelden recht is. Kies er bewust voor om de hoek als “breekpunt” te gebruiken, zodat een kleine afwijking in het patroon minder opvalt.

Met een scherp mes, een goede loodlijn en voldoende lijm op de hoek zelf, is een inwendige hoek behangen goed te doen. De sleutel zit in het splitsen van de hoek in twee aparte stukken en het altijd opnieuw uitzetten van een verticale lijn op de aansluitende wand.

Table of Contents

Meer inspiratie: